Over Tai Chi en Qigong

Tai Chi is vechtkunst, gezondheidsoefening en weg tot levensfilosofie. Het heeft zijn oorspong in China. Het bijzondere van de Tai Chi vechtkunst is het luisteren naar de tegenstander en het gebruik maken van de veerkracht van het eigen lichaam.
Belangrijk daarvoor is ontspanning zoeken binnen een goede lichaamshouding. Het beoefenen van Tai Chi heeft gunstige effecten voor de gezondheid, het welbevinden en het persoonlijk functioneren. Het brengt je dichter bij jezelf en meer in balans. Onderdelen van de Tai Chi-beoefening zijn de vorm, pushing hands, en begeleidende oefeningen. De begeleidende oefeningen worden ook wel Qigong of Chi Kung genoemd.

Tai Chi bestaat in verschillende stijlen met Chinese familienamen zoals de Chen-, Yang-, Wu- en Sun-stijl, waarbij de Wu- en de Yang-stijl voornamelijk relatief langzaam worden uitgevoerd en de Chen-stijl ook explosieve momenten in zich heeft. De langzame bewegingen, die vanuit de lage dantian (buik) en vooral zeer ontspannen uitgevoerd worden, zijn kenmerkend voor Tai Chi. De bewegingen worden in een vaste volgorde uitgevoerd. Een vorm helemaal doorlopen kan, afhankelijk van de vorm, bijvoorbeeld drie, maar ook twintig minuten duren.

Er zijn vormen van Tai Chi waarbij wapens worden gebruikt. Dat zijn bijvoorbeeld een zwaard, een sabel, een stok of een waaier. Het wapen accentueert de bewegingen van het lichaam zodat deze correct worden uitgevoerd, en het geeft een middel waar de aandacht van de beoefenaar zich op kan concentreren.

Tai Chi wordt ook wel geschreven als Tai Chi Chuan, Taijiquan of T’ai-Chi Ch’uan.

Share This